Het practicum Biobanking gaat over het koppelen van databanken. Bloedgroep, afwijkingen in het DNA of de
uitslag van een allergie testje bij de huisarts;
allemaal voorbeelden van biologische gegevens
die kunnen worden opgeslagen in databanken.
Voor verschillende doeleinden is dat heel handig.
Een bloedtransfusie is sneller en succesvoller als
het ziekenhuis weet welke bloedgroep de patiënt
heeft. Een diagnose stellen op basis van een
DNA-onderzoek kan zelfs gebeuren als de patiënt
in het buitenland is.
In forensische databanken worden DNA-profielen
gekoppeld aan daden, misdrijven in dit geval.
Veel mensen staan achter deze koppeling van
gegevens, een koppeling van nature met nurture.
Maar als het medische databanken betreft, levert
dat veel discussie op. Aanleg voor obesitas is te
meten met behulp van de body mass index. De
Albert Heijn kan voor alle bonuskaarthouders bijhouden
wanneer wie welke boodschappen doet.
Het koppelen van deze gegevens kan handig zijn
voor zorgverzekeringsmaatschappijen.
Wat zijn de gevolgen van biobanking? Wat kan allemaal met deze gegevens gebeuren? Leerlingen
krijgen een korte introductie op biobanking en de
mogelijkheden hiervan. Met behulp van stellingen
worden zij stap voor stap geleid door een
meningsvormend proces over dit onderwerp.
Deze lesmodule is nog niet helemaal voltooid. Het antwoordmodel is nog niet gereed en de les is nog niet getest. Wilt u deze les graag testen in uw klas, neem dan contact op via hienke.sminia@nbic.nl.