ELISA

Niet alleen op de universiteit, maar ook bij de grote farmaceutische bedrijven zijn bioinformatici te vinden. Bij zo een bedrijf, namelijk Schering-Plough heb ik van februari tot augustus 2009 stage gelopen. Het bedrijfsleven is anders dan het universiteitsleven, maar uiteindelijk komt het op hetzelfde neer: onderzoek doen.

Dat onderzoek doen gaat door middel van jezelf een biologische vraag stellen, zoals wat veroorzaakt een bepaalde ziekte of welk medicijn moet ontwikkelt worden om een bepaalde ziekte te genezen. Deze biologische vragen kun je oplossen door in het lab proeven te gaan doen of door modellen te bouwen met een computer om biologische processen na te bootsen. De stage die ik bij Schering-Plough deed was een combinatie van deze twee. In het lab waren proeven gedaan met giftige stoffen op zowel ratten als in vitro modellen. In vitro modellen waren in dit geval levers die uit zowel ratten als mensen zijn gehaald en op een bepaalde manier worden bewaard. Vervolgens werd met micro-array chips bekeken welke genen wel aan stonden en welke uit stonden. Dit werk heb ik (helaas) niet gedaan. Mijn werk begon nadat alle proeven in het lab waren gedaan. Ik ben met behulp van de computer gaan analyseren welke groep genen wel aan staat en welke groep niet. Vervolgens keek ik of in all systemen, zowel de ratten als de in vitro modellen, dezelfde genen aan stonden of uit. Hierdoor konden we kijken of de reactie die een systeem heeft op een bepaalde giftige stof gelijk is aan andere systemen. Zodoende weten we meer over enerzijds de reactie van het lichaam op een giftige stof en anderzijds in welke mate verschillende systemen op elkaar lijken. Wanneer een gehele rat namelijk hetzelfde reageert als een lever verwijderd uit de rat, hoeft de wetenschap namelijk minder proefdieren te gebruiken. Dit is beter voor de proefdieren maar ook voor de wetenschap, want proeven met proefdieren kosten veel geld, energie, ruimte, etcetera.

Maar de stage was niet alleen het oplossen van de biologische vraagstukken, hoe leuk dat ook was! Het was ook overleggen met andere mensen van de afdeling en van andere universiteiten. Je kunt niet alles alleen en wilt niet opnieuw het wiel uitvinden, dus als iemand anders het al eens eerder heeft gedaan, kun je het best even met diegene overleggen! Maar ook werd er tijdens koffie- en lunchpauzes en borrels over hele andere dingen gesproken, zo bespraken we op maandag de gespeelde voetbalwedstrijden van het afgelopen weekend en op vrijdag hielden we onze eigen voorbespreking! Terugkijkend op de stage krijg ik altijd een glimlach dankzij de goede resultaten in het onderzoek en de grote lol met de collega’s!